TE SELLE


English

Brieven uit Amerika: 1865-1911

 

BeginpaginaKroniekBrievenMemorabiliaFoto'sGenealogieKaartenHulpbronnen

 

 

Brieven Inleiding

Lijst van Brieven

1-a:  Jan 1865

1-b:  Jun 1865

2:  Nov 1865

3-a:  Oct 1867

3-b:  Oct 1867

4:  Jan 1868

5:  Jun 1868

6:  Apr 1869

7:  Jun 1870

8-a:  Aug 1870

8-b:  Aug 1870

9:  Sep 1870

10:  Nov 1871

11:  Dec 1872

12:  Feb 1873

12-a:  Feb 1873

13:  Jun 1873

14:  Oct 1873

14-a:  Oct 1873

15:  Jun 1874

16:  Jun 1875

17:  Mar 1876

18:  Aug 1877

19:  Jul 1878

20:  Apr 1881

21:  Jun 1881

22:  Jan 1882

23:  Feb 1882

24:  May 1882

25:  Jan 1883

26:  Apr 1883

27:  Aug 1883

28:  Feb 1886

28-a: Feb 1886

29:  Mar 1888

30:  Oct 1891

31:  Oct 1892

32:  Apr 1894

33:  Apr 1895

34:  Dec 1903

35:  May 1911

 


Brief 18

Datum:                25 augustus 1877

Afzender:             Harmen Jan te Selle

Geadresseerde:  Mevr. Dela te Selle-ten Damme

                            Broers


                            Firth  Neb    Aug 25/77

ontvangen 13 September
                            17 dagen

Veel Geachte Moeder en Broeders En verdere vrienden, Ik neem bij deze de pen op om u eeniege letters te schrijven hoopende Als u deze let­ters in den besten welstand van gezondheid moogt Ont­van­gen, ik heb voor dezen ook al een brief geschreven, maar Daarop geen antwoord weer terug gekreegen En omdat wij nu de vooriege week een brief van Broeder Derk Willem gekreegen hebben, Ja een truerig nieuws. Zoo dacht ik dezelve te beantwooren of moogelijk dezen brief u mogt ter hand komen. Ja Broeder D.W. het is voor u een harde slag een dierbare vrouw te moeten misschen. ja ik weet het bij ondervinding hoe truerig het is een Vrouw en Moeder van dierbare Kineren door de dood te zien wegneemen, Maar het is de wil des Heeren, wie zal tot hem zeggen wat doet gij.

Broeder steld u gerust in den Heere hij zal het wel maken. Hij zal niet begeeven noch verlaten die op hem vertrouwd,  Hiermede troostende dat er een ruste overblijft voor die, die hem vreest, En dat wij ons eenmaal weer zullen aanschouwen van aangezicht tot aan­ge­zicht in die euwigblijvende stat in dat nieuw Jeruzalem hier namaals, Waar geen traanen zullen gestort worden. En de dood geen schijding meer maaken zal, Ja dit zij u en mijn troost Ja ons aller troost daar blijft een ruste ofer voor Gods volk.

Ik ontving die brief op het postoffies, en bragt Hem na, G J , ik dacht bij mij zelven Moeder is al oud mogelijk als zij niet best meer is.

En toen wij die brief open braken was het Janna is dood hoe truerig voor ons.

En ook voor u Moeder is het truerig misschien hat u gedacht op u oude dag of op u sterfbed een goede hulpe van Janna te hebben zij gaat u voor na de euwigheid, zij kan u niet meer helpen zij is niet meer Moeder troost u daarin, gij hebt noch een helper het is Jezus u verlosser.

Gij hebt noch zoonen en dochters bij u gij zijt niet verlaaten.  Ook voor u Kinderen Aalberd Jan Willem en Berts. U moeder is dood zij is weg­ge­no­men van u

Zij is u voorgegaan  naar de hemel  Zij wacht op u om u daar weer te ontmoeten, om met Jezus te zijn,  Ja kinderen zoekt de Heere in uwe Jeugt, roept hem aan in de dagen uwer Jongelingschap eer de kwade dagen koomen en de jaren naderen en zeggen zuldt ik vind geen lust in des Heeren weegen. 

Ook tot u Broeder en verdere vrien­den, een vriendin een zuster, is ons voorgegaan naar het graf, Ja de dood wenkt ieder uur  ieder ogenblik is er een wins lot voor de eu­wig­heid beslist is. Ontzettende gedachten wij moeten sterven, wij die op de graven van anderen vandelen zullen misschien spoedig een plaats innemen naast of boven hen. Wie van ons zal de eerste, wie van ons zal de laatse zijn die het stof des doods zal berijken  Hiervan ge­noeg voor ditmaal ontvangt dezen brief in gezondheid ook wij allen zijn goed gezond. Ook de Broeder na groet van mij u br.

 

H.J. te Selle

 

Deze pagina werd voor het laatst bijgewerkt
op 22-04-2007
Auteursrecht © 2005, 2006, 2007